Home

Financiële begroting

In het volgende overzicht zijn de belangrijkste uitgangspunten voor de meerjarenbegroting 2022-2025 weergegeven:

Omschrijving

2022

2023

2024

2025

Algemene uitkering

meicirculaire inclusief scenario 3 UPN

Meicirculaire inclusief scenario 3 UPN

Meicirculaire inclusief scenario 3 UPN

Meicirculaire inclusief scenario 3 UPN

Prijsontwikkeling gemeente

1,1 %

1.1%

1.1%

1.1%

Personeel / lonen

1.4 %

1.4 %

1.4%

1.4%

Rente aan grondexploitaties

1,15%

1,15%

1,15%

1,15%

Rente kostendekkende tarieven

1,5%

1,5%

1,5%

1,5%

Rente kapitaallasten

0%

0%

0%

0%

Onvoorzien

€ 20.000

€ 20.000

€ 20.000

€ 20.000

Toelichting
Algemene uitkering
In de begroting 2022-2025 is de stand van de algemene uitkering verwerkt conform de meicirculaire 2021. Met mogelijke effecten als gevolg van de herverdeling gemeentefonds wordt op dit moment nog geen rekening gehouden. Er volgt een nieuwe raadsbrief over dit onderwerp.

Prijsontwikkeling gemeente
Voor zover we rekening houden met een prijsontwikkeling bij de kosten en opbrengsten van goederen en diensten gaan we voor 2022 uit van een inflatie van 1,1%. Zie hiervoor de Kaderstelling van de Werkgroep Financiële Kaderstelling Gemeenschappelijke Regelingen. De werkgroep baseert zich op publicaties van het CPB.

Ontwikkeling bijdragen aan verbonden partijen
Bij het ramen van de bijdragen aan verbonden partijen gaan we uit van de door de betreffende partijen vastgestelde begrotingen 2022. Bij de kaderstelling aan deze begrotingen hebben we ons geconformeerd aan de kaders van de Werkgroep Financiële Kaderstelling Gemeenschappelijke Regelingen.

Personeel/lonen/werkgeverslasten
Voor de indexatie van de loonkosten gaan we uit van een jaarlijkse groei op de prijs overheidsconsumptie beloning werknemers en de prijs overheidsconsumptie netto materieel (imoc) zoals opgenomen in publicaties van het CPB. De indexatie is op basis hiervan gesteld op 1,4%.

Rente grondexploitaties
Bij de toerekening van rente aan de grondexploitaties gaan we uit van een rente van 1,29%. Dit percentage wordt op grond van de actuele leningenportefeuille mogelijk nog aangepast. Voor de actualisatie van de grondexploitaties per 1-1-2021 zijn we uitgegaan van 1,15%.

Rente kostendekkende tarieven
Voor tarieven die niet meer dan kostendekkend mogen zijn, geldt dat voor de berekening van de kapitaallasten een bedrijfseconomisch verdedigbaar rentepercentage moet worden gehanteerd. Voor zover sprake is van rentetoerekening, kiezen wij voor een percentage van 1,5%. Dit percentage ligt boven de actuele rente op kortlopende leningen maar de activa zijn ook gefinancierd met leningen met een hoger rentepercentage.  

Rente kapitaallasten
Het BBV schrijft voor dat er een verband moet zijn tussen de werkelijke rente op uitstaande leningen en de rentelasten die worden toegerekend aan de bezittingen van de gemeente. Wij kiezen ervoor om de totale toegestane rentelasten toe te rekenen aan de grexen. Gevolg hiervan is dat er bij de overige kapitaallasten (alle investeringen buiten de grexen) wordt gerekend met een rente van 0%. Dit is mogelijk t/m 2023. Maar m.i.v. 2024 is het door afsluiten van de grex de Noordse Buurt niet langer mogelijk.   

Onvoorzien
Voor de dekking van onvoorziene lasten is jaarlijks een post van € 20.000 opgenomen.

Jaarschijf 2024
Van alle bedragen die voorkomen in de jaren 2022-2024 is er vanuit gegaan dat de bedragen structureel zijn en dus overgenomen kunnen worden in 2025. Bij afwijkende of incidentele bedragen in 2024 is per post beoordeeld of deze moeten worden overgenomen in 2025.

Deze pagina is gebouwd op 11/12/2021 12:04:52 met de export van 11/12/2021 11:55:26